De Minnebeek

Dixie en Oma Sjam fietsen, in gedachten verzonken, naast elkaar naar de Minnebeek, het zijriviertje van de Machtige Rivier. Het is pas hun tweede fietstochtje samen.

Dixie, kunstenaar, altijd een handige harry geweest, droomt ervan een toneelstuk te regisseren en decors te bouwen. Zij, Oma Sjam, is het zonnetje dat eens in een jaar extra straalt op het podium van de lokale toneelgroep. Oma Sjam droomt van een glansgastrol in de stadsschouwburg in Antwerpen. Haar tekst gaat zo:

Oma Sjam: ‘We zijn er bijna … ik zie ginder de Minnebeek al glinsteren bij de bank aan de Machtige Rivier.’

Tegenspeler: ‘Het is nog ver, ik ben moe en ik heb dorst, kunnen we niet naar het café om de hoek, waar het gezellig drinken is?’

Oma Sjam: ‘Niet opgeven, man, het water van de Minnebeek verfrist en sterkt aan. We zijn er bijna … ‘

Tegenspeler: ‘Het is te ver. Ik moet jou laten gaan. Ik zie jou later wel!’

Terwijl ze fietsen langs de Machtige Rivier, raadt Dixie de gedachten van Oma Sjam en ziet hij het groot podium van de stadsschouwburg in Antwerpen voor zich. Hij waant zichzelf regisseur van het Minnebeektoneelstuk. Wijdbeens staat Dixie in de middengang van de grote theaterzaal, haren verward en gebarend naar zijn medewerkers op het podium.

Dixie laat twee fietsen op rollen en twee kano’s aanslepen op het podium. Hij geeft streng aanwijzingen hoe de fietsen vooraan en in het midden op het podium moeten vastgezet worden. Oma Sjam zit op de ene oude blauwe vrouwenfiets en haar tegenspeler op de andere, gele flashy, nieuwe koersfiets, ook op rollen. Felle spots floepen aan en werpen een lichtcircel rond beide fietsen.

De twee kano’s, één aan elke zijkant van het podium, worden met spankoord en katrollen opgehangen.

Dixie en Oma Sjam fietsen verder naar de Minnebeek en ze zien Buizerd Buzz komen aanzweven. Dixie en Oma Sjam, allebei, willen ze dat Buzz meespeelt in hun toneelstuk. Zij wenken de buizerd naar het podium. Buzz is vereerd en klimt op de gele koersfiets naast Oma Sjam op haar vrouwenfiets. Sjam en Buzz beginnen rustig te fietsen en na een tijdje zeggen zij:

Oma Sjam: ‘Ginder glinstert de Minnebeek al bij de bank aan de Machtige Rivier.We zijn er bijna.’

Buizerd Buzz: ‘Dank u Sjam; deze gele koersfiets past perfect bij mij. Jij hebt een goede smaak, koersfietsen zijn echt mijn ding, zo sportief en trendy.’

Oma Sjam: ‘Aan de Minnebeek ginds kunnen we onze fietsen stallen en op de bank verder praten. Het was weer té lang geleden. Nog even dan zijn we er; het is er rustgevend met het minnewater dat de Machtige Rivier in klatert. We zijn er bijna … ‘

Buizerd Buzz: Het is echt niet ver genoeg die Minnebeek. Met deze koersfiets wil ik verder fietsen, veel verder stroomopwaarts doorheen de vallei van de Machtige Rivier. En terugkeren wil ik over machtige heuvels. Haren in de wind. Teveel energie heb ik; ik moet mijn energie kwijt. Bye bye. Ik zie jou later wel!’

Buizerd Buzz verdwijnt van het podium. Oma Sjam blijft teleurgesteld alleen achter.

Dan geeft regisseur Dixie een nieuwe wending aan het toneelstuk. Hij roept ‘NU’ en onmiddellijk komen de actrices Rosaly en Chantilly het podium op in nauwsluitende kanovaarderskledij. Zij nemen plaats elk in één kano. De ene kano is sober donkerbruin en staat links van Oma Sjam. De andere kano is fel geel en staat rechts van de koersfiets waar Buizerd Buzz zoëven op had gezeten. Zachtere spots worden op hen gericht. Dixie wil dat de lichtman stromend rivierwater projecteert onder beide kano’s met de peddelende dames.

Actrices Rosaly en Chantilly zetten rustig hun kanovaarderslied in:

 Sprankel water kalm water

Korte zwaai lange draai

Ginder zie ik het minnewater!

Klater water machtig water

Lange draai korte zwaai

Hoe ver nog het minnewater?

Op de oude vrouwenfiets zit Oma Sjam. Op de gele flashy koersfiets zit nog niemand. Rosaly en Chantilly peddelen elk in hun kano, één aan elke kant. De spots staan afgesteld, fel op de twee fietsen, zachter op de twee kano’s.

Wie is er nu aan de beurt om naast Sjam mee te fietsen op de nog lege koersfiets? De Blauwe Libelle is zonder twijfel de beste keuze.

Oma Sjam: ‘Rustgevender dan de Minnebeek vind je nergens! We zijn er bijna.’

Blauwe Libelle: ‘Hoe lief toch, Sjam! Jij hebt een neus voor mooie plekjes. Het is zoeken, maar jij neemt de tijd om de beste plekjes te vinden. Eens zat jij aan de vistrap aan de Machtige Rivier; nu breng jij mij naar de Minnebeek.’

Oma Sjam: ‘ Ja, de Minnebeek is een oase voor waterranonkel, vederkruid en fonteinkruid en overvloedig de lisdodde.’

Blauwe Libelle: ‘Ik zie de bosbeekjuffers al, tientallen. De romboutlibel, de keizerlibel, de glassnijderlibel en de oeverlibel, zij zullen er ook zijn. Ik hoop dat het niet ver meer is, ik kan nauwelijks wachten. Ik rijd alvast vooruit om hen te groeten. Ciao!’

 Blauwe Libelle verdwijnt. Oma Sjam blijft mistroostig alleen verder rollen op haar fiets midden op het podium.

Beide kanovaarsters, Rosaly en Chantilly, peddelen verder en zingen hun kanovaardersrefrein:

Sprankel water kalm water

Korte zwaai lange draai

Ginder zie ik het minnewater

Klater water machtig water

Lange draai korte zwaai

Hoe ver nog het minnewater?

Op regie-aanwijzing van Dixie wordt de kano van Rosaly met touwen van de grond opgetrokken (Regieaanwijzing: uit voorzichtigheid niet hoger dan 1 meter), terwijl Rosaly rustig verder peddelt. [Regieaanwijzing: stel dat het optrekken van de kano met touwen te gevaarlijk zou zijn, kan een wandelkano – benen steken doorheen de kano – een goed alternatief zijn.]

Ook zet Dixie beide fietsen dwars op het podium; in de flank zichtbaar voor het publiek.

‘Wie zal onze laatste scène spelen?’ vraagt Oma Sjam aan Dixie. Ze zien bij toeval apotheker Pelicijn voorbij joggen aan de andere oever. ‘Apotheker Pelicijn is de geknipte persoon voor onze slotscène,’ zegt Oma Sjam , zij weet als geen ander hoe het minnespel te spelen.’ Dat vindt Dixie een uitstekend idee.

Pelicijn komt het podium op in witte apothekersoutfit:

Oma Sjam: ‘Wat een fauna en wat een flora daar aan de Minnebeek, het water is er helder en gezonder dan Spawater! Het is beter dan medicijn. Het heelt de ziel en ook het lijf. We zijn er bijna.’

Apotheker Pelicijn: Mevrouw Sjam, weet u dat dit water dient voor minnerecepten?

Oma Sjam: ‘ Neen, welke minnerecepten dan? Kan ik zo’n recept krijgen? Kan jij zo’n medicijn maken? Ik verlang er naar.

Apotheker Pelicijn: Iedereen kan de weg naar de Minnebeek vinden. Zodra we er aankomen zal ik mijn bokaal vullen met water van de Minnebeek. Ik schenk het medicijn voor u uit, zodra ik aan de Minnebeek kom.

Ook de tweede kano, de kano van Chantilly, wordt nu met touwen van de podiumvloer opgetrokken (maximum 1 meter hoog). Chantilly peddelt in het hetzelfde ritme als Rosaly in de andere kano.

De wind wakkert aan. De stroming onder de kano’s versnelt. De beide kano’s bewegen steeds feller. Op de zijwanden van het podium worden nu twee fietsers geprojecteerd die langs de Machtige Rivier trappen tegen de wind, gebogen over hun stuur. Donkere wolken pakken samen boven de Machtige Rivier en drijven snel af naar de Minnebeek.

thunderstorm-3441687_1920

Iedereen, Dixie, Oma Sjam, de kanovaarsters en alle andere acteurs, Buizerd Buzz, Blauwe Libelle en apotheker Pelicijn zingen tezamen vooraan op het podium hun afsluitend lied:

Windop harde trap

Veraf nog is het Minnewater

Donkertrap dondertrap

Te ver nog dat Minnewater

Het is te laat voor het Minnewater!

 Het doek valt.

Het publiek in de stadsschouwburg in Antwerpen juicht.

Het onweert, het waait, de vlagen stortregen komen snel dichterbij. Dixie en Oma Sjam keren snel hun fiets om en, windaf nu, fietsen ze terug.

Weg van de Minnebeek.

­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­

___________________________________________

Met dit verhaal hield ik een fietstochtje voor ogen, een afstand van maximum anderhalve niet te overbruggen kilometer. Een tocht van twee personen naar een bestemming vol belofte die niet bereikt wordt.

Verhaal en toneel liepen, al schrijvende, zo door elkaar dat ik niet meer wist wat toneel en wat verhaal was. Ik wou het zo houden.

­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­­

Hotel Papa aan de Machtige Rivier

Inburgering

IMG_20180305_140215

Vijf knotwilgstammen aangekleed met wit afdekvliesdoek.

Tuinier Werner en ik hadden drie rijen wilgen geknot. Dit was de laatste rij. Naast de wilgen lag een bed andijvie met nog afdekvliesdoek op die gebruikt was om de andijvie te beschermen tegen de vrieskou. De ergste koude was achter de rug en het doek mocht weg. Ik dacht het ergens te drogen te leggen, bedacht me en wikkelde het doek om de knotwilgen. De wind speelde in het doek.

Zo bleef het doek rond de wilgen een week hangen. De wind trok het één enkele keer los en dan wikkelde ik het opnieuw rondom de kroon.

Ik maak deze foto en kijk er met verbazing naar.

Had ik doek gewikkeld rond het hoofd van vijf blinden? En leek dit niet op het schilderij van Breughel met de blinden die mekaar vertrouwen en voorttrekken tot ze in de put vallen?

Misschien had ik doek gewikkeld rond het hoofd van vijf passanten? Vluchtelingen? 

Of had ik doek gewikkeld rond het hoofd van de vijf achtergebleven vrouwen van de vijf passanten?  Of zijn het strompelende schimmen, aangevoerde bruiden?

Na een week wikkelden Werner en ik het doek af en plooiden het op.

Een half jaar later zijn de vijf knotwilgen van de foto opnieuw aangekleed, door de natuur zelf dit keer. Ze zijn ingeburgerd.

IMG_20180904_142944

Hotel Papa aan de Machtige Rivier

Hoogste baas op bezoek 

‘We hebben hoog bezoek nu, toute suite, direct … zo dadelijk komt de allerhoogste baas er aan! Gedraag jullie, de hoogste baas heeft een verrassing mee!’ zo toetert de burgemeester terwijl hij het bospad komt op geracet op zijn fiets, natuurgids Willig in zijn kielzog.

‘Willig, beste man, redt me uit deze situatieIk was het bezoek helemaal vergeten! zucht de burgemeester, handen in de lucht. Mijn secretaris belde me vanmorgen uit bed.’

Willig neemt snel het woord en licht de zaak toe ten gehore van de verzamelde gilde dieren op het Grasland. ‘Luister, dit bos maakt, zoals wij allen weten, deel uit van een groter natuurgebied rond de Machtige Rivier, dat op zijn beurt een klein stukje is van nog meer fraais in Europa.* Welnu, de hoogste baas van al dat groen komt zo dadelijk op bezoek. Kijk, zij komt al het bospad opgestapt met haar secretaris, en haar assistent secretaris,’ zegt Willig met luide stem. Willig is duidelijk goed op de hoogte van wat er te gebeuren staat en kent zelfs de namen van de bezoekers. ‘De hoogste baas heet Maria Naturalia en zij is Italiaanse. Haar secretaris heet Pedro Bosquito uit Portugal en zijn assistent secretaris heet Adam Wilglovsky uit Polen.

‘Aangenaam, nice to meet you, zo begroet Maria Naturalia de burgemeester. Ik zie dat er een flink ontvangstcomité klaar staat, zo zien wij het graag. Wij beschermen de natuur en de natuur beschermt ons; dat mag erkend worden. Gisteren nog waren we op werkbezoek op een koud eiland om daar het klimaat te beschermen. Geloof me, we hebben er alleen papegaaiduikers en meeuwen gespot. Papegaaiduikers zijn schattige diertjes,  maar te veel meeuwen is te veel. Veel gekrijs en veel gekak.’

‘Daarom zijn we blij hier zo’n welkomstcomité van velerlei pluimage te zien: de grote uil, de bever, de egel, de reiger, de kleine uil, de buizerd, de ekster, de pad, de hazelworm, de sprinkhaan, …. enfin, zo  divers dat ik ze wel allemaal wil omhelzen.’ Maria Naturalia is in de wolken en voegt er nog enthousiast aan toe: ‘God moet zijn getal hebben’‘Ja, er moeten er van alle soorten zijn‘, zo herhaalt Pedro Bosquito wat zijn baas gezegd heeft maar dan met andere woorden, ‘wijzelf komen ook uit de verste hoeken van Europa: Italië, Portugal, Polen, gisteren bezochten we de Shetland eilanden en vandaag dus België.’ De assistent secretaris’ voegt er fier aan toe dat hij uit Mazurië in Polen komt. ‘Oké, oké,’ onderbreekt de hoogste baas Wilglovsky, ‘laten we nu de burgemeester aan het woord.’

De burgemeester was vergeten zijn speech voor te bereiden en probeert iets te verzinnen. ‘Dank u wel, grazie mille, merci, thank you very much, spreekt de burgemeester veeltalig, wij houden in ons dorp van iedereen. Ik heb voor u onze specialist ‘diversiteit in de natuur‘ meegebracht: onze natuurgids Willig, hij kent als de beste de veelsoortige bomen, het rietveld en het moeras, het water in de beken en in onze Machtige Rivier, de inheemse plantensoorten op droogland en niet te vergeten alle dieren groot en klein, kortom hij is onze expert inzake fauna en flora. Ik geef hem graag het woord.’ Willig bloost van al deze mooie woorden van de burgemeester die in gewone omstandigheden liever het festivalpark van Rock Werchter dan het bos bezoekt.

Willig haalt zijn papiertjes boven en begint aan een verbluffende opsomming van planten, kruiden, waterdieren, gevogelte en bosdieren, wel 1001 namen. ‘Ik hoor dat dit bos in de goede handen van mister Willig is,’ looft Maria Naturalia natuurgids Willig.

Welnu, wij hebben een verrassing voor jullie mee,’ zij gebaart naar Wilglovsky, die prompt zijn telefoon uit zijn zak haalt en gebiedend enkele woorden in het Pools spreekt. Enkele minuten later komt er een stevige wagen met trailer het bospad ingereden. De dieren horen een luid gesnuif in de gesloten kooi en trekken zich verschrikt terug. Ook de burgemeester voelt zich niet op zijn gemak. ‘Wat moet dit betekenen?!’ roept Bever Wang. Reiger Klep fladdert al hals over kop weg.

Plechtig neemt Maria Naturalia het woord en spreekt de burgemeester toe. ‘Ter versterking van de biodiversiteit van dit gebied en namens alle natuurvrienden in Europa, schenken wij u een dier zo uniek, zo sterk, zo betrouwbaar, zo aaibaar, deze ……Wisent**.

Wisent, Wisent?!’ roept iedereen verschrikt uit. ‘Ja, de Wisent, is de machtige oeros, de oerbizon uit het oerbos van Bialowieza in Polen.

Maria Naturalia is, terwijl ze dit zegt, niet meer zo zeker van haar woorden, stopt abrupt haar speech en overhandigt snel de sleutel van de trailer aan de burgemeester. In de trailer snuift en grolt de Wisent.

wisent 2

Willig trekt de verbouwereerde burgemeester aan zijn mouw en fluistert hem iets in het oor. Dan schraapt de burgemeester zijn keel, eist de aandacht en zegt diplomatisch: ‘Beste madame Naturalia, Pedro Bosquito en mijnheer – hoe was de naam weer? – ja, Wilglovsky, … de Wisent is, dankzij Europa, gered voor het nageslacht. Maar dit uniek geschenk en wonderbaarlijk oerexemplaar van de natuur kunnen we helaas niet aanvaarden. Ons bos is nog lang geen oerbos, 45 ha is te minnetjes voor zo’n machtig beest. Mevrouw Naturalia, wij willen uw gift later, véél later, overwegen. U begrijpt dat…’

Natuurgids Willig knipoogt naar alle dieren en hij is opgelucht. De burgemeester, eveneens opgelucht, troont Maria Naturalia en haar gevolg snel mee, het bos uit, naar een divers visbanket in de brasserie aan de Machtige Rivier.

Bevers in ons bos, dat is al miserie genoeg!’ zucht de burgemeester.

____________________________________________________________________________________________________________________________

*Meer over Natura 2000 en de Dijle-en Demervallei: https://www.natura2000.vlaanderen.be/natura-2000-gebieden

**Meer over de Wisent: https://nl.wikipedia.org/wiki/Wisent

Hotel Papa aan de Machtige Rivier

Simpel Lekker

De jury van Simpel Lekker – de culinaire wedstrijd van de gemeente – had het zichzelf moeilijk gemaakt dit jaar.

                   ‘Wafels à la Opa

                    Eieren en bloem

                    Boter margarina

                    Suiker en bloem 

                    Wafels à lo Bos!’

Zo scanderen de supporters van de Wafels van Opa Bos.

De andere overblijvende kandidaat is Oma Sjam met haar inzending Wilde Pesto. Haar supporters staan aan de andere kant van de zaal en ook zij scanderen:

                                                                                    ‘Pesto à la Sjam

                                                                                    Pissebloem en duizendblad

                                                                                    Olie en ruccola

                                                                                    Look en parmezam!

Bakker Brodsky en ecotuinier Mulch, dit jaar de voorzitters van de jury, konden het niet eens geraken wie ze tot winnaar zouden kronen.

Brodsky had de Wafels van Opa Bos willen uitroepen tot winnaar. ‘Die wafels zijn o zo simpel te maken en kweenie hoe populair!’ riep Brodsky uit. Maar Mulch dacht daar anders over en zijn keuze viel op de wilde pesto van Oma Sjam. ‘Zo origineel en toch poepsimpel!’ bazuinde Mulch.

Niet één stemming met handopsteking van de juryleden bood een uitweg. De stemming zat muurvast: 5 stemmen vóór de wafels van Opa Bos en 5 stemmen vóór de wilde pesto van Oma Sjam.

Hoe kon het gebeuren dat een jury geen winnaar kon aanduiden?

Bakker Brodsky die een zoetekauw is – patisserie met glazuur, kramiek en croissant, u kent het wel, het zoete gebak – had alle argumenten uit de kast gehaald om de populariteit van de wafels van Opa Bos in de verf te zetten. Ecotuinier Mulch daarentegen was van het groene soort en zijn verhaal kon met gemak die vijf juryleden overtuigen die de gezonde keuken hoger achten dan de zoetigheid van Bos.

Brodsky: ‘Populairder dan deze simpele wafels van Opa Bos is geen één recept ooit geweest op onze culinaire wedstrijd. De vraag naar deze wafels overtreft meerdere keren het aanbod. Opa Bos deelt ze uit aan kenners van de ware wafelenbak in het rusthuis, bij scouts en chiro, familiehulp en poetshulp aan huis, aan kaartspelers, aan kleinkinderen en aan mij (mmm!). Populair zijn ze ook omdat ze gratis zijn en gratis zullen blijven.‘

Mulch‘Origineler dan deze simpele pesto van Oma Sjam is nog nooit vertoond op onze culinaire wedstrijd. We hebben nu de kans zoete troep aan de kant te zetten én gezond groen aan te moedigen. Pesto kan op elke boterham waar ooit chocopasta op gesmeerd werd en op elk bord ter dagelijkse afwisseling met spinazie, warmoes, broccoli of veldsla. En wat dacht u van pestospaghi?

Simpel Lekker, een simpel compromis behoorde nog tot de mogelijkheden  tot de burgemeester op het toneel verscheen. Hij meende de knoop zelf te moeten doorhakken. En hij had de gemeenteraadsleden, de jury, Opa Bos en zijn supporters en Oma Sjam en haar aanhang uitgenodigd in de grote dorpszaal.

De zaal zit vol.‘Ik wil de jury nog één vraag voorleggen en het antwoord dat mij het best bevalt, bepaalt de uitslag van onze wedstrijd,’ zegt de burgemeester.

 De wafelploeg en het pestoteam scanderen elk hun voorkeur.

‘Wafels à la Opa
Eieren en bloem
Boter margarina     
Suiker en bloem’
‘Pesto à la Sjam
Pissebloem en duizendblad
Olie en ruccola
Look en parmezam’

[De burgemeester] ‘Stilte nu! Dames en heren, ik eis volledige stilte!

                                   Mijn bijkomende vraag is:

                        Hoe dorpseigen zijn de wafels van Opa Bos?

                       Hoe dorpseigen is de wilde pesto van Oma Sjam?

 Jullie antwoord is beslissend!  De spanning stijgt; stil is het nu. ‘Beste juryvoorzitters, wij luisteren. Brodsky u krijgt als eerste het woord.’

Hoe dorpseigen zijn de wafels van Johanna door Opa Bos bereid?

IMG_20180921_093521

 Opa Bos is de man van wijlen Johanna. Johanna, zijn overleden vrouw, en Bos zijn zo dorpseigen als iemand maar dorpseigen in dit dorp kan zijn. Caféhouders van oudsher: ‘De Kantien’. Iedereen kwam er over de vloer. Er werd bier geschonken van Jackop én pils van de Mena, nochtans concurrenten van elkaar. En ook de beide dorpsfanfares ‘De Harmonie’ en ‘de Ware Vrienden’ passeerden er elk jaar. Hier geboren en getogen is Bos.

Bos bakt deze wafels zelf. Steeds dezelfde samenstelling; steeds dezelfde dosering. Volle eieren van kippen van de buurman. Witte bloem, kristalsuiker en margarine koopt hij lokaal. 

Kortom, de wafels van Johanna zijn geen stadswafels zoals de Brusselse of de Luikse, maar het zijn voorwaar dorpseigen dorpswafels.

Brodsky neemt terug plaats onder luid gejuich.

Dan veert Mulch recht, richt zich tot het publiek en vraagt:

 Hoe dorpseigen is de wilde pesto van Oma Sjam?

IMG_20180921_161350

‘Wat doet Sjam? Luister! Zij plukt wat de tuin of het veld naast de Machtige Rivier wild te bieden heeft. Wij moeten niet naar het verre West-Vlaanderen of naar Limburg. De korte keten: van het grasland in de pot!

Onkruid?! Sjam weet beter. Ik wil u niet vervelen met mijn opsomming; de lijst is te lang. Sta me toe slechts enkele van de dorpseigen planten op te sommen die Sjam, naargelang het seizoen, plukt en tot pesto maalt:

Zevenblad

Veldkers

Melde

Vogelmuur

Speenkruid

Paardenbloem

Watermunt

Duizendblad

Knopkruid

Wittedovenetel en brandneteltopjes

Smalle weegbree

Veldzuring

Daslook

en Hondsdraf

 Alle groensels staan hier bij de deur. Als u wil, gaan we nu samen kijken en plukken!’  

‘Afronden, alsjeblieft,’ zegt de burgemeester ongeduldig.

Het resultaat, mevrouwen, mijne heren is dit potje! Mulch steekt een potje hoog de lucht in, loopt even rond en opent het dekseltje. De geur vult de zaal en de raadsleden beginnen te denken dat de pesto van Sjam de  wedstrijd zal winnen. Haar aanhangers juichen.

‘Stilte, dames en heren, ik eis stilte.‘ De burgemeester maakt een kalmerend gebaar en neemt de microfoon zelfzeker in handen . ‘Als eerste burger van de gemeente, hak ik de knoop door.’

Dorpseigenst, simpelst lekkerst, populairst! Superlatieven heb ik tekort voor de winnaar 2018 van Simpel Lekker. En de winnaar is…’

De krantencommentaren

Krant # 1: Het jaarlijks culinair feest Simpel Lekker kende dit keer een woelig verloop. Tientallen supporters stonden lijnrecht tegenover elkaar en beletten de burgemeester het spreken. De wedstrijd werd in het tumult afgebroken.

 Krant # 2: Eén maand voor de gemeenteraadsverkiezingen maakte de burgemeester een kapitale fout tijdens de culinaire wedstrijd Simpel Lekker. Hij zette de juryvoorzitters Brodsky en Mulch voor schut. Zonder ruggespraak met de jury voerde hij een bijkomende vraag in die – zo meende hij – hem politiek voordeel zou geven.

 Krant # 3: Eindelijk kreeg groene voeding de nodige aandacht in de anders zo saaie wedstrijd Simpel Lekker. Oma Sjam gooide met haar wilde Pesto een dikke steen in de ingeslapen kikkerpoel. Reken maar, zevenblad, pissebloem, weegbree en veldzuring worden cool én hot het komende culinaire jaar.

 Krant # 4: Simpel Lekker draaide dit jaar uit op een strijd tussen conservatief en progressief. De enen riepen op tot behoud van de traditie; terwijl de anderen vernieuwing eisten. De burgemeester suste de gemoederen en bood Bos en Sjam samen een reis aan naar Napels om er de stadseigen pizza Napolitana te verkennen. Bos en Sjam kozen echter voor een weekendje samen met waterzooi in … Gent.

Krant # 5: Terecht loofde de jury van Simpel Lekker de wafels van Opa Bos en de wilde pesto van Oma Sjam. Beide gerechten munten uit in hun culinaire eenvoud en hun lokale inbedding. 

Hieronder, voor wie culinair wil scoren, beide recepten:

 

HOTEL PAPA aan de Machtige Rivier